De economische impact van de bankreglementering in België

View this page in: English, Français

Recent werd een significante hoeveelheid aan financiële reglementering geïmplementeerd in België, gaande van de nieuwe bankenwet tot de Europese kapitaalreglementering (CRD IV).  Uit onderzoek van PwC blijkt dat de huidige post-crisis bankreglentering een structurele kost voor de Belgische economie met zich meebrengt van 0,74% van het bbp(minder groei) en 25.000 minder jobs, maar hier tegenover zou moeten leiden tot een grotere financiële stabiliteit. Uit hetzelfde onderzoek is gebleken dat bijkomende en nog stringentere financiële wetgeving de Belgische economie tot 1,5% van het bbp en een verlies van 81.000 banen zou kunnen kosten in de komende 30 jaar.

Rol van de banksector in de Belgische economie

De Belgische banksector speelt een cruciale rol in de financiële bemiddeling, door het faciliteren van geld- en kredietstromen tussen kredietverleners en kredietnemers, het transformeren van risico’s en looptijden en het beheer van betalingssystemen. Banken helpen bedrijven ook om hun risico’s en investeringen te beheren, kapitaal in te zamelen en efficiënte stromen van binnenlands en internationaal kapitaal te faciliteren. De banksector in België genereerde een bruto toegevoegde waarde (GVA) van 14,2 miljard euro in 2013 (ongeveer 4,3% van de Belgische nationale GVA) en stelt ongeveer 66.000 mensen tewerk.

Ondanks deze bijdrage heeft de financiële crisis van 2007 duidelijk geïllustreerd welke risico’s verbonden zijn aan de banksector. Prudentiële financiële hervormingen blijft bovenaan de politieke agenda van de banksector staan. De belangrijkste doelstelling naast financiële stabiliteit, is te garanderen dat de lasten voor het nemen van overmatige risico’s  door de banksector worden gedragen door de banken zelf en hun aandeelhouders in plaats van door de belastingbetalers en bedrijven.

Economische impact van de bankreglementering : twee scenario’s

Een nieuw PwC-rapport, “Where next? The impact of banking regulations in Belgium”, dat vandaag werd gepubliceerd, onderzoekt de economische impact van deze reglementering. Om een beeld te krijgen van de omvang van de economische impact van de bankreglementering hebben de economen van PwC twee scenario’s ontwikkeld die verschillen op het vlak van de strengheid en impact. Scenario 1 definieert een huidig pakket van bestaande reglementeringen zoals die nu is goedgekeurd, terwijl Scenario 2 nog een stap verder gaat qua bijkomende  reglementering.

Scenario 1: huidige post-crisis bankreglementering zoals die nu werd goedgekeurd Scenario 2: bijkomende strengere reglementering  in vergelijking met de huidige wetgeving
Daling Belgisch bbp met 0,7% Daling Belgisch bbp met 1,5%
Verlies van 25.000 banen in de ganse economie Verlies van 81.000 banen in de ganse economie

Scenario 1: huidige reglementering  zoals die nu werd goedgekeurd. Dit scenario combineert de impact van CRD IV (Capital Requirements Directive), resolutiemechanismen  zoals RRD (Recovery and Resolution Directive) en SRM (Single Resolution Mechanism), structurele bankhervormingen en bankheffingen en weerspiegelt het huidige wettelijke kader.

Impact onder scenario 1: de post-crisis bankreglementering zoals die nu werd goedgekeurd is bedoeld om de waarschijnlijkheid en de lasten van toekomstige financiële crisissen te beperken en zou kunnen leiden tot een daling van het Belgisch bbp met 0,7%, wat overeenkomt met 2,8 miljard euro per jaar, en tot een verlies van 25.000 banen in de ganse economie in de komende 30 jaar.

Scenario 2: strengere regels in vergelijking met de huidige financiële wetgeving. Dit scenario combineert de impact van de wetgeving bepaald in scenario 1, maar met strengere voorschriften en omvat ook de FTT (Financial Transaction Tax,) en de voortzetting van de financiële stabiliteitsbijdrage (Financial Stability Contribution).

Impact onder scenario 2: de strengere regels in vergelijking met de huidige wetgeving zouden kunnen leiden tot een daling van het Belgisch bbp met 1,5%, wat overeenkomt met 5,7 miljard euro per jaar, en tot een verlies van 81.000 banen in de ganse Belgische economie in de komende 30 jaar.

Inzichten

  • De post-crisis bankreglementering dat ernaar streeft om de waarschijnlijkheid en de lasten van toekomstige financiële crisissen te beperken zou een daling van het Belgisch bbp tussen 0,7% voor Scenario 1 en 1,5% voor Scenario 2 kunnen veroorzaken, wat overeenkomt met 2,8-5,7 miljard euro per jaar. Dit impliceert dat de huidige, minder strenge, bankregmentering in Scenario 1 tot 0,8% van het Belgisch bbp per jaar zou kunnen besparen in vergelijking met de stringentere wetgeving voorzien in Scenario 2. Deze kost kan ook worden uitgedrukt als een contante waarde over 30 jaar van 70 miljard euro voor Scenario 1 en van 130 miljard euro voor Scenario 2, rekening houdend met een omgeving waarin de Belgische economie groeit met een constant percentage van 1,8% op lange termijn. Dit groeipercentage veronderstelt dat gezien de bankreglementering,  de Belgische economie niet zal geïmpacteerd worden door een nieuwe financiële crisis.
  • Er zullen naar verwachting respectievelijk 25.000 en 81.000 banen verloren gaan in de economie voor Scenario 1 en 2, met een onevenredig aantal verloren banen in de banksector en in de sectoren die nauw verbonden zijn met de banksector, zoals verzekeringen, gelieerde  financiële diensten en vastgoed. Dat impliceert dat de bankreglementering volgens Scenario 1 een verlies van ongeveer 56.000 banen per jaar kan vermijden in vergelijking met het strengere Scenario 2
  • Specifiek wordt de GVA van de banksector geraamd op ongeveer 5,6% tot 13,2% lager dan de uitgangswaarde, respectievelijk voor scenario’s 1 en 2. De verzekeringssector en de sector van de gelieerde financiële diensten worden ook negatief beïnvloed.

De wetgeving omvat nieuwe regels en toezichtsmechanismen voor de banken, die ernaar streven om de kapitalisatie van de banken en hun schokbestendigheid te verbeteren, evenals crisis- en resolutiemechanismen voor significante systemische banken (SIB). Op nationaal niveau hebben de Belgische beleidsmakers ook diverse bankenbelastingen ingevoerd en aanvullende kapitaalheffingen op de tradingactiviteiten van banken voorgesteld.

Context van de studie

De studie werd uitgevoerd op initiatief van Febelfin, dat een beroep deed op PwC voor de nodige macro-economische analyses en expertise inzake de banksector. Deze studie probeert de gecombineerde economische impact van de bankreglementering over een periode van 30 jaar te berekenen. Om de analyse uit te voeren, gebruikten de econcomen van PwC een op maat gemaakt dynamisch economisch model dat werd ontwikkeld in het Verenigd Koninkrijk en werd aangepast aan de Belgische economie.

Roland Jeanquart, Partner, Financial Services, PwC België, licht toe: “Hoewel de banksector in het verlden heeft gezorgd voor aanzienlijke investeringen en veel nieuwe banen in het hele land, bracht de financiële crisis praktijken bij banken en verstrekkers van financiële diensten aan het licht waaruit een duidelijke nood aan betere reglementering bleek. De uitdaging voor het reglementair prudentieel kader is het voorkomen van een nieuwe financiële crisis, zonder een verdere groei van de banksector en de ganse economie te verhinderen. Uit onze analyse blijkt dat de banksector nauw verbonden is met andere sectoren in de Belgische economie. Dit benadrukt het grote indirect effect dat de  financiële reglementering kan hebben op niet-financiële sectoren.”

Het rapport benadrukt het belang van het zorgvuldig afwegen van de voordelen van de invoering van bijkomende bankreglementering tegenover een additionele kost hieraan verbonden. Een competitief banksysteem moet België in staat stellen om via de essentiële intermediatie-diensten de reële economie blijvend te ondersteunen.

Bijlagen

Impact van de wetgeving bij Scenario’s 1 en 2 op werkgelegenheid en op de “steady state”

Opmerkingen voor de redacties:

  • Het model dat voor de studie wordt gebruikt is officieel gekend als een Computable General Equilibrium-model (CGE). Het is een dynamisch multisectoraal model aangepast voor de Belgische economie dat specifiek werd gebouwd om  scenarioanalyses uit te voeren. Het model raamt hoe een economie mogelijk zal reageren op veranderingen in het beleid, de technologie of andere externe factoren. Onze benadering in dit model is consistent met gelijkaardige methodologieën gebruikt door het IMF, de Wereldbank, de OESO en de Europese Commissie (evenals belangrijke regeringen). 
  • GVA is een standaard economische maateenheid voor sectoriële output. Ze geeft de waarde weer van goederen en diensten die worden geproduceerd in een gebied, industrie of sector van een economie. GVA is het totaal van alle ontvangsten, uit verkopen en subsidies, die de inkomsten van de bedrijven uitmaken. Deze inkomsten worden dan gebruikt voor onkosten (zoals lonen en salarissen, dividenden), reserveringen en belastingen.
  • De data in onze analyse zijn afkomstig van officiële bronnen zoals de Nationale Bank van België, Eurostat en het IMF.