DAVOS, Zwitserland, 27 januari 2009.
De recessie heeft het vertrouwen van CEO’s in de economische toekomstperspectieven een flinke knauw gegeven. Bedrijfsleiders verwachten de drie volgende jaren een langzaam, geleidelijk herstel. Dit blijkt uit de bevindingen van de 12e ‘Annual Global CEO Survey’ van PwC.
Het vertrouwen van CEO’s dook naar het laagste peil sinds 2003, het jaar waarin PwC begonnen is hun verwachtingen te volgen. Wereldwijd zegt slechts 21% van de CEO’s veel vertrouwen te hebben in de omzetgroei voor de volgende 12 maanden; in het onderzoek van vorig jaar was dit nog 50%. Meer dan een kwart van de CEO’s stelt het komende jaar somber in te zien. De resultaten van het onderzoek werden vandaag bekendgemaakt op de jaarlijkse bijeenkomst van het World Economic Forum in Davos, Zwitserland.
CEO’s van over heel de wereld blijken ook pessimistischer over de langetermijngroei en voorspellen een langzaam herstel. Slechts 34% geeft blijk van veel vertrouwen in de groei voor de volgende drie jaar; vorig jaar was dit nog 42%. Toen begon het nog maar net tot CEO’s door te dringen in welke mate de kredietcrisis de mondiale economie zou treffen. Het vertrouwen van de CEO's nam nog verder af in de loop van het onderzoek, naarmate negatieve economische berichten de wereld in werden gestuurd - een weerspiegeling van de veranderende sfeer.
Het onderzoek geeft aan dat het pessimisme overheerst in alle regio’s, in alle sectoren en op alle niveaus van economische ontwikkeling. Van de CEO’s in Noord-Amerika (VS en Canada) respectievelijk West-Europa drukte slechts 15% vertrouwen uit in groeiperspectieven voor de komende 12 maanden. In de opkomende economieën van Centraal- en Oost-Europa was dit 21%, in Azië en het Stille Oceaangebied 31%, en in Latijns-Amerika 21%.
“De snelheid en intensiteit van de recessie heeft de CEO’s in hun ziel geraakt en een mondiale vertrouwenscrisis teweeggebracht", verklaart Samuel A. DiPiazza Jr., de Global CEO van PwC. “CEO’s maken zich het meest zorgen over het onmiddellijke overleven van hun bedrijven." Zelfs in ooit snel opkomende economieën krijgen bedrijven nu te kampen met problemen als onbeschikbaar krediet, zwakke kapitaalmarkten en een in elkaar zakkende vraag.
“De ernst en de duur van de recessie zijn moeilijk te voorspellen. CEO’s proberen de crisis door te komen en tegelijkertijd paraat te blijven voor een economische ommekeer. Voor hun kansen op verbetering hangen ze ook van elkaar af in deze geglobaliseerde wereld”, voegt PwC’s Global CEO toe.
De impact van de recessie op ‘s werelds grote economieën wordt door 85% van de respondenten erkend en blijft de belangrijkste bron van ongerustheid voor de CEO’s. Het is ook de enige risicofactor die voor de CEO’s nog een grotere kopzorg is geworden. Enkele andere grote risicofactoren zijn de ontwrichting van de kapitaalmarkten (72%), overregulering (55%), energiekosten (50%) en de beschikbaarheid van toptalent (46%).
De bevraagde CEO’s verwachten dat de wereldwijde bankencrisis zich wijd en zijd zal laten voelen in de bedrijfswereld; bedrijven in alle regio's en sectoren zullen er gevolgen van ondervinden. Bijna 70% stelt dat het eigen bedrijf gevolgen van de kredietcrisis zal ondergaan. Daarvan zegt 80% geconfronteerd te zijn met hogere financieringskosten en zegt bijna 70% geplande investeringen als gevolg daarvan uit te stellen. Volgens de bevraagde CEO’s valt te verwachten dat de sectoren bankwezen, nutsvoorzieningen, bouw, entertainment en automotive het meest getroffen zullen worden.
De CEO’s waarvan de bedrijven groei verwachten, zeggen dat ze die zullen financieren met in de eerste plaats interne cashflow, gevolgd door kapitaal dat ze ophalen op de obligatie- en aandelenmarkten.
Ondanks de ernst van de huidige economische situatie blijven CEO’s zich om langetermijnbehoeften bekommeren. Het in huis halen van (schaars) toptalent blijft een hoofdbetrachting;slechts 26% zegt het personeelsbestand in het komende jaar te willen inkrimpen, terwijl 35% het aantal personeelsleden ongewijzigd zou laten.
Bovendien voorspelt 72% van de CEO’s dat de druk op natuurlijke rijkdommen in de toekomst zal toenemen.Volgens de respondenten zal het langetermijnsucces een weerslag ondervinden van factoren als de afhankelijkheid van op koolstoffen gebaseerde energie (61%), de klimaatverandering (56%), overbevolking (55%) en de schaarste van zoet water.
Zowat 75% van de respondenten zegt dat ze al aan het reageren zijn door nieuwe producten en diensten te ontwikkelen en door wijzigingen aan hun operationele werking aan te brengen. Meer dan de helft verwacht in de komende 12 maanden een rendement uit die investeringen te halen.
Het aantal van de CEO’s die menen dat joint ventures een grotere rol dan fusies en overnames gaan spelen in grensoverschrijdende groei is procentueel sterk gestegen, vooral in West-Europa en Latijns-Amerika. Mogelijk weerspiegelt dit de lagere kosten en risico’s die met joint ventures worden geassocieerd, zowel als de toenemende populariteit van samenwerking om de uitdagingen van grensoverschrijdende groei aan te pakken.
Maar de activiteit op het vlak van fusies en overnames (‘M&A’) is afgenomen. Slechts 20% van de respondenten laat weten vorig jaar zo’n transactie te hebben doorgevoerd. De terugloop qua M&A-activiteit is het zichtbaarst in opkomende economieën in Azië en Oost-Europa. Culturele verschillen, onverwachte kosten en het realiseren van transactiewaarde (‘deal value’) zijn op M&A-vlak de drie meest voorkomende aandachtspunten waar CEO’s niet gerust op zijn.
Gekweld door de recessie en volatiele commodity- en energiekosten stellen CEO’s uit alle regio’s van de wereld volop bezig te zijn met het in stand houden van hun bedrijf en zich voor te bereiden op een heroplevende economie. Door de band genomen verklaart meer dan 80% stappen aan het ondernemen te zijn om de energiekosten terug te schroeven door efficiënties in hun operationele werking te identificeren; meer dan de helft zegt op zoek te zijn naar alternatieve energiebronnen. Bedrijven zijn ook aan het investeren in technologie om de afhankelijkheid op energievlak te verminderen en zijn aan het proberen hun energiebevoorrading voor de toekomst veilig te stellen.
Het vinden en behouden van toptalent blijft voor CEO’s ook een hoge prioriteit. Een tekort aan kandidaten die over de essentiële vaardigheden beschikken, wordt door bijna 70% van de respondenten als een belangrijke uitdaging aangehaald. Enkele andere heikele punten in verband met personeel (HR) zijn het rekruteren en integreren van jongere medewerkers, het aanbieden van aanlokkelijke loopbanen, en de strijd om getalenteerde medewerkers binnen de eigen sector. Als remedie voor het nijpend talententekort hanteren de bevraagde CEO’s onder meer de volgende strategieën: een flexibelere werkomgeving, een interne herschikking in de invulling van sleutelfuncties, en maatschappelijk engagement.
De bevraagde CEO’s erkennen dat er een enorme kloof is qua informatie die nodig is voor risicobeheer en als motor voor langetermijnsucces. Terwijl 92% zegt dat informatie over risico’s belangrijk is, zegt slechts 23% er uitvoerige informatie over te hebben ontvangen. Daarnaast krijgt slechts 21% uitvoerige informatie over wat afnemers en klanten nodig hebben en verkiezen.
De CEO’s zeggen te beseffen dat samenwerking met de overheid nodig is, wil men systeemgebonden problemen aanpakken. Toch blijkt er een paradox te zijn: 55% van de respondenten percipieert overregulering nog altijd als een obstakel voor groei; maar bijna de helft van de bevraagden vindt ook dat hun overheid niet genoeg gedaan heeft om in een bekwaam arbeidspotentieel te voorzien; en 38% is de mening toegedaan dat de overheid meer zou kunnen doen om de infrastructuur te verbeteren. Evenzo spreekt meer dan 80% van de CEO’s zich uit voor een duidelijk, consequent overheidsbeleid om iets aan de klimaatverandering te doen; maar slechts 28% gelooft dat de eigen overheid zo’n beleid heeft.
Voor de 12e ‘Annual Global CEO Survey’ van PwC werden in het laatste kwartaal van 2008 1.124 vraaggesprekken met CEO’s in 50 landen gevoerd. De vraaggesprekken werden voor het grootste deel telefonisch gevoerd. De research werd gecoördineerd door de PwC International Survey Unit (Belfast, Noord-Ierland) in samenwerking met projectmanagers en een adviesverlenende raad van PwC-vennoten van over de hele wereld. Per regio werden 500 vraaggesprekken gevoerd in Europa (België, Cyprus, Denemarken, Estland, Finland, Frankrijk, Duitsland, Griekenland, Hongarije, Italië, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Rusland, Spanje, Zweden Zwitserland, de Tsjechische Republiek, Turkije, het Verenigd Koninkrijk en Oekraïne), 276 in Azië en het Stille Oceaangebied (Australië, China/Hongkong, India, Indonesië, Japan, Korea, Maleisië, Singapore, Taiwan, Thailand en Vietnam), 168 in Latijns-Amerika (Argentinië en Bolivia, Brazilië, Chili, Colombia, Ecuador, Mexico, Paraguay, Peru, Uruguay en Venezuela), 138 in Noord-Amerika (VS en Canada) en 42 in het Midden-Oosten en Afrika.
Het volledige rapport is te vinden op: www.pwc.com/ceosurvey, en kan verkregen worden op eenvoudige aanvraag:
PwC (www.pwc.com) levert sectorgerichte diensten op het vlak van audit, fiscaliteit en adviesverlening om het publieksvertrouwen te versterken en extra waarde voor cliënten en hun stakeholders te creëren. Meer dan 155.000 mensen in de 153 landen waarin ons netwerk is ontplooid, delen hun ideeën, ervaring en oplossingen om tot nieuwe gezichtspunten te komen en praktisch advies te geven. ‘PwC’ verwijst naar het netwerk van firma’s die deel uitmaken van PwC International Limited. Elke firma is een afzonderlijke en onafhankelijke juridische entiteit.